Saskia Oudshoorn

Interview met Saskia Oudshoorn, schrijfster van ‘Ben ik nou gek?’

Saskia Oudshoorn is de schrijfster van het boek “Ben ik nou gek?” Het gaat over Suus van Soomeren. Zij is een nuchtere opgeruimde vrouw, achter in de dertig die kampt met paniekaanvallen. Als ze haar aanvallen onder controle heeft, raakt ze via IVF in verwachting. Tijdens de geboorte van haar zoontje wordt ze meegesleurd in een heftige paniekaanval. Het is zo erg dat Suus vindt dat het ziekenhuis haar baby mag houden. Ze ziet het niet als haar eigen kind. Ze wordt opgenomen op een speciale moeder-baby unit van het Erasmus psychiatrisch ziekenhuis. Hier moet ze haar demonen in de ogen kijken.’

Saskia Oudshoorn
Saskia Oudshoorn

Lijkt dop je eigen leven?

‘Ja, helaas wel. Het is grotendeels op eigen ervaring gebaseerd.’

Waarom niet alleen op je eigen ervaring?

‘Dat voelde te persoonlijk. Nu kon ik er een bepaalde afstand in creëren. Door een andere persoon te vormen kon ik ook meteen de ondervindingen en gebeurtenissen van mede-patiënten die ik daar had ontmoet erin verwerken.’

Wat is de onderliggende boodschap?

‘De onderliggende boodschap van het boek is meer begrip op te laten brengen voor mensen die aan paniekaanvallen lijden, het is niet dat je je aanstelt. Je bent ziek. Net zoals iemand die een nierziekte heeft. Daarnaast wilde ik meer begrip creëren voor moeders bij wie het na de geboorte niet loopt, zoals de maatschappij wenst. Het klinkt allemaal zo makkelijk, maar dat is het niet.’

Waarom heb je juist dit boek geschreven?

‘Ik heb dit boek geschreven omdat er wel veel zelfhulpboeken zijn voor paniekaanvallen, maar er was nog geen roman. Daarbij vond ik de opname in de psychiatrische inrichting zo bijzonder en fascinerend, dat de mens op de ene dag ‘normaal’ geacht wordt en de andere niet meer. Want wat is normaal en wat is gek? Ik wilde een makkelijk leesbaar boek schrijven die je meeneemt in de vreemde gedachtestromen van mensen, omdat er al genoeg geoordeeld wordt op de wereld.’

De subtitel is: een paniekroman. Dat is nieuw voor Nederland.

‘Ja. Een manier om aandacht voor dit onderwerp te verkrijgen. Je moet weten dat in Nederland bijna 4% van de bevolking aan paniekaanvallen lijdt. Dat zijn zo’n 680.000 mensen. Een enorm aantal dus. Dit zijn er meer dan bijvoorbeeld astma-patiënten. Dat zijn er zo’n 610.000. Het aantal mensen wat lijdt aan Alzheimer zijn er ‘slechts’ 80.000. Een groot deel van de Nederlanders heeft er last van of kent iemand die eraan lijdt. Door het boek hoop ik herkenning te creëren bij degenen die eraan lijden en meer begrip voor de ziekte bij hun omgeving.’

Hebben zij herkenning nodig dan?

‘Als je overvallen wordt door een paniekaanval, dan weet je niet wat je overkomt. Je denkt dat je de enige bent die zoiets ervaart. Dat is dus niet zo. Daarnaast kun je op internet wel enorm veel tips en andere nuttige adviezen vinden die misschien helpen, maar je hoort nooit iets over iemand die het ook overkomen is. En daarvoor is deze roman. Zo weten ook mensen die anderen kennen die eraan lijden wat er door zo iemand heengaat.’

Hoe komt het dat we niets over paniekaanvallen horen?

‘Het is een ziekte die ‘te behandelen’ is. Ik zeg het tussen aanhalingstekens, want makkelijk is het zeker niet. Daarbij komt de ziekte nooit alleen. De aanvallen zijn vaak een voortvloeisel van een depressie of een fobie.’

Je hebt in het Erasmus psychiatrisch ziekenhuis gezeten. Waarom daar?

‘Het Erasmus heeft een speciale moeder-baby unit. De baby kan dus mee, waardoor de binding tussen moeder en kind niet verbroken hoeft te worden. En in mijn geval zelfs opgebouwd kon worden. Daarbij is de baby een onderdeel van de therapie. Het Erasmus heeft plek voor vijf baby’s. De bedjes liggen helaas altijd vol.’

Ben je inmiddels van de paniekaanvallen af?

‘Ja en nee. Ja, omdat mijn laatste aanval alweer enkele jaren geleden is en nee, omdat ik er altijd op bedacht blijf dat het weer de kop op kan steken. Ik voel gelukkig mijn lichaam beter aan en weet hoe ik moet handelen als ik een aanval voel opkomen.’

Wat is een paniekaanval precies?

‘Er zijn een groot aantal symptomen bekend, waar je van paniekaanvallen er meestal een aantal van krijgt. Maar er zijn wel wat algemene delers. Je verstijft bij de aanblik of de gedachte aan datgene waar je angst voor hebt. Je lichaam spant aan en je krijgt vaak last van hyperventilatie. Ook begeven je darmen het vaak waardoor je het gevoel krijgt te moeten overgeven of je hebt diarree. Verder heb je vaak hartkloppingen en ga je veel zweten. En gedachten die alle kanten en vooral de verkeerde kant op gaan.’

Kan ik niet simpel zeggen dat je verkeerd denkt?

‘Dat is iets te kort door de bocht. De reden dat je bang bent is misschien niet reëel, maar de angst is echt. En of angst terecht is of niet? Dat blijft iets persoonlijks. De spanning die vrijkomt bij eenieder uit zich wel op dezelfde manier. En een fobie sluipt je leven in. Op een gegeven moment heb je een nare ervaring met iets en je gaat dat mijden. Heel langzaam ontstaat een fobie. Dat groeit gestaag en iets wat langzaam komt, kan vervolgens niet snel weg. Je kunt het vergelijken met rugpijn. Heb je één keer gesport en heb je spierpijn in je rug, dan is dat na 2 dagen wel over. Maar zit je jarenlang in een verkeerde houding, dan duurt het soms wel maanden tot jaren voordat het over is. Je moet aan een nieuwe houding werken, een nieuwe manier van zitten en oude patronen doorbreken. Zo is dat ook zien met paniekaanvallen. Iemand denkt niet zomaar even verkeerd. Het is een langzaam ingeslopen proces. Voor diegene is dat de normale denkwijze. Je  verandert dat niet van de ene op de andere dag.’

Je hebt het over een fobie en paniekaanval. Wat is het verschil?

‘Een paniekaanval staat zelden op zichzelf. Meestal ligt er meer aan ten grondslag. Een paniekaanval is het moment dat je ‘doordraait’. Het topje van de ijsberg. Daaronder ligt vaak een fobie of depressie. Een fobie is dat je voor iets heel erg bang bent. Er zijn veel fobieën, wel 250! Maar paniekaanvallen ontstaan ook vaak als je last hebt van een vorm van een depressie.’

Terugkomend op je boek. Hoe lang heb je erover gedaan om het te schrijven?

‘Wel een paar jaar. Zeker in het begin was het moeilijk om alle gebeurtenissen weer naar boven te halen en nogmaals te ervaren.

In het boek krijgt de hoofdpersoon meteen last bij de bevalling van haar zoon. Is dat waargebeurd?

‘Ja absoluut. Mijn man zei dat ik tijdens de bevalling weg draaide met mijn ogen. Hij zag het misgaan. Dat stuk kan ik me waarschijnlijk daarom nog zo goed herinneren. Ik keerde zo naar binnen in mijn hoofd, dat ik de gevoelens en pijn van toen weer op kan roepen.’

Het onderwerp van het boek is zwaar, maar ik heb veel gelachen. Dat valt soms niet te rijmen.

‘Ach, ik ben op zich een vrolijk mens. Ik kan ook niet zwaarmoedig schrijven. Dat is niets voor mij. Daarnaast was ik wel opgenomen in een inrichting en daar zitten nu eenmaal ‘gekke’ mensen.’

Hoe is de band met je zoon nu?

‘Gelukkig heel goed. Na de moeilijke start is de band goed versterkt. Het is een heerlijk mannetje en ik ben dol op hem.’

Waar kan ik heen met vergelijkbare ervaringen?

‘Achterin het boek staat een begrippenlijst en adressenlijst voor hulpvragen.’

Saskia Oudshoorn

2 reacties op “Interview met Saskia Oudshoorn, schrijfster van ‘Ben ik nou gek?’”

  1. Indrukwekkend. Depressie ken ik helaas, paniek gelukkig niet. Dank je voor het delen d.m.v. dit boek. Dat kan mensen tot steun zijn en hopelijk heel veel begrip kweken.

Laat een antwoord achter aan Aty Janzen Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

De waardering van droomvalleiuitgeverij.nl bij Webwinkel Keurmerk Klantbeoordelingen is 9.6/10 gebaseerd op 110 reviews.
Scroll naar top