In dit interview vertelt de auteur van Gedonder in het vooronder, Elisabeth van der Ark, openhartig de vragen van Esther over het ontstaan van haar boek: hoe losse Facebookberichten uitgroeiden tot een dagboek, waarom juist die vorm onmisbaar was en wat schrijven betekende midden in een periode van ziekte, onzekerheid en leven op ziekenhuisagenda’s.
Kun je ons meenemen naar het moment waarop je besloot dit boek te schrijven? Was het meteen een bewuste keuze, of groeide het schrijven gaandeweg?
In eerste instantie plaatste ik korte berichten op Facebook. Gaandeweg werden de berichten groter van tekst. Na een maand of twee dacht ik deze teksten moet ik gaan verzamelen. Toen ben ik de teksten gaan plaatsen op mijn website. De link deelde ik op alle socials waar ik aanwezig ben.
Waarom heb je gekozen voor een dagboekvorm? Wat gaf deze vorm jou wat een terugblik achteraf misschien niet had gekund?
Mij werd het direct duidelijk dat het in dagboekvorm moest. Zo kon ikzelf ook teruglezen wat er op een bepaalde datum was gebeurd. Of hoe ik mij voelde. Maar ook laat ik zien hoe het leven van een kankerpatiënt gedicteerd wordt door de agenda van het ziekenhuis met de onderzoeken en behandelingen. Ook vond ik het belangrijk om bij te houden welke leuke dingen we hebben gedaan tussen alle ziekenhuis-gedoe hebben gedaan. Zoals naar Zuid-Limburg voor weekjes wandelen. Dat het niet allemaal kanker en kwel is uiteindelijk.
De titel Gedonder in het vooronder roept veel op. Wat betekent die titel voor jou persoonlijk?
Toen ik met schrijven begon noemde ik het: ‘gedoe in het vooronder’. En dat was het ook, gedoe. Het woord gedonder kwam later in mij op. Want eierstokkanker gedoe noemen was te zwak uitgedrukt. Gedonder was en is het. Kanker of een andere ernstige ziekte is gedonder. In mijn geval liet ik zien waar de kanker is ontstaan. In mijn lichamelijke vooronder, letterlijk.
In het boek beschrijf je zowel medische momenten als alledaagse gebeurtenissen. Waarom vond je het belangrijk om juist die combinatie te laten zien?
Bij vraag 2 heb ik gedeelte antwoord gegeven op deze vraag. Tussen alle behandelingen, ziekenhuisconsulten en operaties werd het dagelijkse leven zijdelings beheerst door mijn ziek zijn. En toch was het niet allemaal kanker en kwel. Dries, mijn man en ik hadden ook vele mooie momenten. Het belangrijkste is om het leven te LEVEN.
Wat was voor jou het moeilijkste om op te schrijven — en waarom? En was er ook iets wat juist verrassend makkelijk ging?
Poeh, dat is een lastige vraag. Want eerlijk gezegd weet ik dat niet meer. Na het schrijven had ik het geparkeerd en kon ik verder. Teruglezen is een tweede. Zeker het hardop voorlezen tijdens de eerste correctieronde. Dan kwam de emotie van dat moment toch naar boven.
Je laat ruimte voor twijfel, angst én hoop. Hoe heb je tijdens het schrijven balans gevonden tussen eerlijk zijn en jezelf beschermen?
Bij deze vraag denk ik, zijn er wel deletet scenes? Nee. Wel passages waarvan ik soms dacht, moet ik dat wel delen? Nadat ik het had geschreven liet ik het Dries mijn man lezen. Hij zei: ‘deel het gewoon. Want het is wat het is’.
Wat hoop je dat lezers voelen of begrijpen na het lezen van jouw boek? Is er iets waarvan je denkt: als ze dát meenemen, is het voor mij geslaagd?
Ga praten met je huisarts zodra je verandering in je lichaam voelt en kom voor jezelf op. Deel je twijfels en stel die vraag, ook al denk jij dat het een domme vraag is. Laat angst voor ziek zijn of een ziekte varen. Angst is een slechte raadgever.
Heeft het schrijven van dit boek iets veranderd in hoe je zelf naar deze periode kijkt? Of naar jezelf?
Omdat ik het in dagboekvorm heb geschreven was het direct duidelijk hoeveel er is gebeurd in een bepaalde periode. Een mens wil nog weleens vergeten en dan vooral traumatische gebeurtenissen. Het kan arrogant overkomen, maar ik weet dat ik sterk ben, mentaal en lichamelijk. Wel wil ik benadrukken dat ik het niet zonder mijn Dries had gered. Een mens heeft maar één steunpilaar nodig. Die altijd aanwezig is en doet wat moet. Ook heb ik geleerd dat ik situaties niet kan manipuleren. Graag houd ik alles onder controle. Maar vanaf dag één heb ik geleerd dat ik niets kan controleren. Dat heb ik maar snel geaccepteerd.
Wat zou je willen zeggen tegen mensen die zelf ziek zijn, of naast iemand staan die ziek is? Niet als advies, maar als mens tot mens.
Praat met elkaar wordt vaak gezegd. En toch is zwijgen soms beter. Als bij- of omstander begrijp je dit misschien niet direct. Omdat het tegen alle adviezen ingaat. Maar als zieke wil je soms niet direct uitspreken wat je dwars zit. Of lastig gevonden worden. Blijf ook doen wat je kan. Kanker neemt veel van je af. Maar blijf altijd geloven in je eigenwaarde en bewaak je grenzen.
Als je dit boek niet had geschreven — wat was er dan misschien onuitgesproken gebleven?
Schrijven geeft kracht. Maar ook inzicht en levenslust. Had ik dit boek niet geschreven was ik zeker voor een groot deel al vergeten wat ik heb meegemaakt. Wat ik toen voelde. Na het schrijven van een dag, gebeurtenis of moment kon ik verder. Het was gedeeld met anderen op de socials. De likes, hartjes en reacties zijn Dries en mij tot steun zijn geweest en nog. Want de achtbaan gaat door. Wij zitten in een looping met uitstap onbekend.

